Column – Het Mentaal Minimum

De actualiteit lijkt steeds vaker te ontsporen in simpele slogans en schuldtoewijzing. Een tragedie, zoals de moord op de zeventienjarige Lisa, wordt direct gekaapt door politieke kampen die hun eigen verhaal erdoorheen drukken. Links schuift het probleem breedweg toe aan “de mannen”, rechts legt de schuld bij “de migranten”. Maar in die karikaturen verdwijnt de werkelijkheid: de werkelijke oorzaak ligt dieper, en de gevolgen van dat zwart-witdenken maken ons niet veiliger, maar juist kwetsbaarder.

Wie eerlijk kijkt, ziet dat geweld en agressie vaak niet louter voortkomen uit geslacht of afkomst, maar uit mentale ontwrichting. Mensen die uit oorlogen en trauma’s vluchten, arriveren hier vaak al beschadigd. In plaats van herstel en integratie worden ze in een systeem gestopt dat hen verder afbreekt: eindeloze procedures, onzekerheid en sociale isolatie. Wie nog functioneel binnenkomt, loopt kans hier alsnog te ontsporen. Dat is geen excuus, maar een realiteit die erkend moet worden.

Tegelijk is het naïef om te ontkennen dat bepaalde gemeenschappen kampen met oververtegenwoordiging in misdragingen. Niet omdat “de cultuur” collectief fout is, maar omdat sociale status, achterstelling en groepsdynamiek gedrag vormen. Jongeren die hun identiteit zoeken in straatcodes, in kleding en in taal, spiegelen zich aan elkaar en versterken elkaars bravoure. Dat geldt net zo goed voor witte tieners die de straattaal overnemen als voor migrantenjongeren die zich in subculturen terugtrekken. Criminaliteit en intimidatie zijn geen exclusief importproduct – ze zijn het gevolg van falend beleid en het wegkijken voor concrete problemen.

De campagne “Wij eisen de nacht terug” legt de verantwoordelijkheid voor vrouwenveiligheid eenzijdig bij mannen. Maar het probleem is niet “alle mannen”. Het probleem is psychopathisch en agressief gedrag dat te weinig wordt begrensd, en een overheid die faalt in handhaving. Door te generaliseren naar de helft van de bevolking wordt 99% van de mannen – die zich wél weten te gedragen – onder de bus gegooid. Daarmee verlies je bondgenoten in plaats van oplossingen te vinden.

Veiligheid is niet gebaat bij symbolische acties en morele superioriteit. Het is niet genoeg om met spandoeken door de straten te trekken of discriminerende campagnes te draaien die vooral stereotypen bevestigen. Veiligheid vraagt om heldere grenzen, strakke handhaving en de moed om slechte gewoonten in specifieke groepen ook daadwerkelijk te benoemen. Tegelijk vraagt het om een eerlijker asiel- en integratiebeleid dat voorkomt dat getraumatiseerde mensen in anonimiteit en uitzichtloosheid verdwijnen.

Het “mentaal minimum” dat in deze tijd ontbreekt, is de simpele bereidheid tot nuance. We hoeven niet te kiezen tussen de karikatuur van “alle mannen” of “alle migranten”. We moeten concreet slecht gedrag aanspreken, ongeacht de achtergrond van de dader. We moeten erkennen dat sommige beleidskeuzes onveiligheid importeren in een samenleving die zelf al kwetsbaar is. En we moeten ophouden met de morele reflex om alles te reduceren tot identiteit of schuldgroepen.

De samenleving wordt pas veiliger als we eerlijk durven kijken. Niet vanuit angst voor discriminatie, niet vanuit politieke winst, maar vanuit gezond verstand. Het is de hoogste tijd dat we dat mentale minimum weer terugvinden.

Geef een reactie